I. Wat als dysbalans?
A) ⚠️ Tekort Oorzaak
- Te weinig opname:
- Voeder te weinig geconcentreerd.
- Niet voldoende voeder.
- Voeder niet verteerbaar genoeg.
- Geen resorptie ter hoogte van darm.
- Slechte kwaliteit eiwit.
- Verhoogde afbraak van lichaamseiwit:
- Bijvoorbeeld bij ziekte (bv. brandwonden).
B) ⚠️ Tekort Gevolg
- Groei-achterstand.
- Spierafbraak.
- Anemie (hemoglobine is eiwit → tekort RBC).
- Gedaalde weerstand.
- Doffe vacht.
- Stofwisselingstoornissen.
C) ⚠️ Teveel Oorzaak
- Teveel opname.
- Te geconcentreerd voeder.
D) ⚠️ Teveel Gevolg
- Diarree (gisting in DD).
- Verhoogde belasting nieren.
- Obesitas.
E) 🧪 De ureumcyclus
- Verwijdert overtollig stikstof uit het lichaam op een niet-toxische manier.
- Aminogroepen overschot (bevat N!).
- Stikstofoverschot in lichaam.
- Risico op ammoniakvorming: toxisch.
- Oplossing: Vorming ureum in nier voor uitscheiding via urine.
F) ❌ Misvatting
- "Hoe meer eiwitten, hoe beter" is fout!
- Meer eiwit levert geen extra voordeel op.
- Zorgt voor extra nierbelasting.
- Bij hond: enkel als overmaat AZ.
- Bij kat: continue ureumcyclus!
II. Opbouw voedermiddel: 1.3.2 Vetten
A) 🥑 Functie van vetten
- Opslag: Vetten zijn de belangrijkste energiebron, met 1g vet = 9kcal.
- Bescherming: Beschermen tegen schokken en temperatuurdaling.
- Membraanopbouw: Essentieel voor celstructuur (dubbele fosfolipidenlaag).
- Hormoonprecursor: Vetten zijn betrokken bij de aanmaak van hormonen.
- Smaak: Verhogen de smaak van het voer.
B) ⚖️ Opslagfunctie
| Functie | Uitleg |
|---|---|
| Energie | Efficiënte opslag en afbraak, eerste aanspreekpunt bij nood. |
| Essentiële vetzuren | Linolzuur en α-linoleenzuur moeten in het voer aanwezig zijn. |
| Vetoplosbare vitaminen | A, D, E, K worden opgeslagen in vetweefsel, maar kunnen ook schadelijk zijn bij te veel. |
C) 🧬 Bouw van vetten
- Triglyceriden: Bestaan uit glycerol en 3 vetzuren.
- Verzadigde vetzuren: Geen dubbele bindingen, vast bij kamertemperatuur (bv. rundsvet).
- Onverzadigde vetzuren: Bevatten één of meer dubbele bindingen, vloeibaar bij kamertemperatuur (bv. oliën).
D) 🌱 Essentiële vetzuren
- Omega-3: Ontstekingsremmend (bv. alfa-linoleenzuur).
- Omega-6: Ontstekingsondersteunend (bv. linolzuur).
- Essentiële vetzuren zijn diersoortafhankelijk en moeten via voeding worden opgenomen.
E) ⚠️ Dysbalans in vetten
| Type | Oorzaak | Gevolg |
|---|---|---|
| Tekort | Te weinig in voer | Energietekort, groei-achterstand, huidproblemen. |
| Te veel | Te hoge concentratie in voer | Obesitas, diarree, pancreatitis. |
III. De Koolhydraten
A) 🍬 Suikers
- Suikers zijn eenvoudige koolhydraten.
- Ze worden snel opgenomen in het lichaam.
- Voorbeelden: glucose, fructose, sucrose.
B) 🍚 Zetmeel
- Zetmeel is een complexe koolhydraat.
- Het bestaat uit lange ketens van glucose.
- Het wordt langzaam afgebroken en geeft langdurige energie.
C) 🍏 Organische zuren
- Organische zuren zijn ook een type koolhydraat.
- Ze komen voor in fruit en groenten.
- Voorbeelden: appelzuur, citroenzuur.
IV. Koolhydraten Verteerbaarheid
A) 🍞 Verteerbare Koolhydraten
- Verteerbare koolhydraten kunnen door het lichaam worden opgenomen en gebruikt als energiebron.
- Voorbeelden: Glucose, Fructose, Galactose, Maltose, Zetmeel.
- Suikers zijn onmiddellijk verteerbaar; zetmeel vereist eerst ontsluiting.
B) 🌱 Niet-Verteerbare Koolhydraten
- Niet-verteerbare koolhydraten zijn vezels en kunnen niet door het lichaam worden opgenomen.
- Geen energiebron, maar belangrijk voor de darmfunctie.
- Soorten:
- Oplosbare vezels (prebiotica)
- Onoplosbare vezels
- Voordelen: Verzadiging
- Nadelen: Flatulentie
C) 🍬 Opdeling van Koolhydraten
| Type Koolhydraat | Voorbeeld | Kenmerken |
|---|---|---|
| Ruwe celstof (RC) | Vezel | Belangrijk voor spijsvertering |
| Overige koolhydraten (OK) | Suiker, zetmeel, organische zuren | Bron van energie |
D) 🧬 Suikers
- Monosachariden: Enkelvoudige suikers, meestal 6 koolstofatomen in 1 ring (bijv. Glucose, Fructose, Galactose).
- Disachariden: Tweevoudige suikers, bestaande uit 2 monosachariden (bijv. Maltose = glu + glu).
- Verschil in binding (α1-4, α1-6, β1-4) beïnvloedt verteerbaarheid.
- Suikers zijn essentieel voor de hersenfunctie.
E) ⚠️ Effecten van Suiker
- Langdurige toediening van suiker kan leiden tot problemen zoals Diabetes en Obesitas.
- Bij herkauwers kunnen er ernstige gevolgen optreden door suikerinname.
- Carnivoren hebben slechts een klein percentage suiker in hun dieet (5%).
- Oplossingen voor glucosebehoefte:
- Glucovormend Aminozuur: Aanmaak van glucose uit aminozuren via gluconeogenese.
- Vet: Bij afbraak van vet komt glycerol vrij, wat ook kan worden omgezet in glucose.
Let op: Jonge dieren kunnen deze processen niet goed uitvoeren en hebben een directe behoefte aan glucose.